Topiramaat tegen food noise: wat is er in eetbuienonderzoek gemeten?

Leeg bord met losse potloodlussen en een afzonderlijk meetstreepje verbeeldt food noise en onderzoek.

Het eetbuienonderzoek mat eetbuien en gewicht bij mensen met een gediagnosticeerde eetbuistoornis en obesitas, niet food noise als losse uitkomst. In de relevante gerandomiseerde studie kwam 58% van de met topiramaat behandelde deelnemers in remissie van de eetbuien tegen 29% met placebo, en stopte 16% tegen 8% voortijdig door bijwerkingen (BED/obesitas RCT).

Food noise, de informele term voor aanhoudende gedachten aan eten, stond niet op de uitkomstenlijst van dat onderzoek, en de deelnemers waren niet geselecteerd op dat taalgebruik. De titelvraag valt daarmee uiteen in twee losse sporen: een cijfer over eetbuien in een afgebakende groep, en een term uit de dagelijkse taal die in datzelfde onderzoek nooit is gemeten.

Wie die sporen door elkaar haalt, leest een uitkomst die er niet is. Een groep die gemiddeld in remissie komt, zegt weinig over wat één persoon aan gedachten aan eten ervaart, en een woord dat mensen zelf gebruiken om hun ervaring te beschrijven is iets anders dan een diagnose met meetbare criteria. De studie waar de cijfers vandaan komen, ging over een specifieke groep: mensen bij wie eetbuistoornis was vastgesteld, in combinatie met obesitas (BED/obesitas RCT).

Bij 407 ingeschreven deelnemers werden er 394 geanalyseerd (BED/obesitas RCT). Dat detail maakt de vraag scherper: het onderzoek levert een vergelijking tussen twee groepen op een vooraf gekozen uitkomst, en die uitkomst is niet hetzelfde als de ervaring die iemand met food noise beschrijft.

Het belangrijkste in het kort

  • In een gerandomiseerde studie bij eetbuistoornis met obesitas werden 407 deelnemers ingeschreven en 394 geanalyseerd; remissie van eetbuien kwam voor bij 58% met topiramaat tegen 29% met placebo, met 16% tegen 8% uitval door bijwerkingen (BED/obesitas RCT).
  • De productinformatie noemt bijwerkingen op cognitie en aandacht en risico’s rond zwangerschap (Topamax SmPC); de EMA heeft maatregelen vastgesteld om blootstelling tijdens de zwangerschap te voorkomen, met beperkingen voor sommige toepassingen (EMA).
  • Topamax is geregistreerd voor epilepsie en migraine en niet voor eetbuistoornis of gewichtsverlies; de cataloguspagina is een generieke productpagina en geen aanbieding voor eetbuien of afvallen (catalogus).

Waar komt food noise als vraag vandaan?

Food noise is gebruikerstaal uit de praktijk en geen klinische uitkomstmaat: in de draad “topiramate” op r/BingeEatingDisorder gebruikt de poster die term en beschrijft daarbij ook ander gedrag rond eten en bewegen (r/BingeEatingDisorder).

Dat bericht is bruikbaar als signaal over hoe mensen hun ervaring benoemen. Het is geen bewijs over de werking van een middel en het is geen basis om op afstand een diagnose te stellen. De poster beschrijft meer dan gedachten aan eten alleen, met gedrag rond eten en bewegen erbij, en zo’n beschrijving laat zich niet vertalen naar de uitkomstmaten van een trial. Wat de draad wel laat zien, is de vraag die iemand met deze ervaring meeneemt: helpt een middel tegen het aanhoudende denken aan eten, los van de vraag of er sprake is van eetbuien als diagnose.

Een praktische vraag aan de behandelaar: is er bij mij sprake van eetbuien als diagnose, of van een andere klacht die ik food noise noem, en hoe wordt dat onderscheiden?

Wat is er precies gemeten bij eetbuistoornis met obesitas?

Een gerandomiseerde, placebogecontroleerde studie mat remissie van eetbuien bij mensen met een gediagnosticeerde eetbuistoornis en obesitas: 58% in de topiramaatgroep tegen 29% in de placebogroep, met 16% tegen 8% uitval door bijwerkingen (BED/obesitas RCT).

De studie schreef 407 deelnemers in en analyseerde er 394 (BED/obesitas RCT). De studie rapporteerde remissie en frequentie van eetbuien, naast gewicht en BMI. De groep bestond uit mensen met een gestelde diagnose eetbuistoornis plus obesitas. Wat die cijfers kunnen ondersteunen, is de uitspraak dat topiramaat in deze afgebakende groep vaker tot remissie leidde dan placebo. Wat ze niet kunnen, is die uitkomst verplaatsen naar iedereen die gedachten aan eten als probleem ervaart, naar mensen zonder de diagnose, of naar gewichtsverlies bij mensen zonder die diagnose. Gewichtsverandering werd in de studie wél gerapporteerd, maar binnen dezelfde afgebakende deelnemersgroep.

In de publicatie namen de eetbuien-dagen per week gemiddeld 3,5 af in de topiramaatgroep en 2,5 in de placebogroep. Ook het gewicht veranderde: gemiddeld 4,5 kilo minder met topiramaat, tegenover ongeveer 0,2 kilo meer met placebo. Deze getallen zijn groepsgemiddelden binnen het onderzoek naar eetbuistoornis met obesitas, geen voorspelling voor een lezer die alleen de term food noise gebruikt. Ze laten bovendien zien waarom de studie méér mat dan één remissiepercentage: iemand kan minder eetbuien hebben zonder volledig aan de vooraf gebruikte remissiedefinitie te voldoen. Onderzoek bij eetbuistoornis.

Ook het verschil in uitval hoort bij de uitkomst. Van de topiramaatgroep stopte 16% door bijwerkingen, tegen 8% in de placebogroep (BED/obesitas RCT). Een voordeel op de ene maat gaat dus samen met een grotere kans om te moeten stoppen op de andere. Remissie is bovendien een drempel die vooraf is afgesproken, en niet hetzelfde als de mate waarin iemand zich dagelijks door eten in beslag genomen voelt.

Een praktische vraag aan de behandelaar: past mijn situatie bij de groep waarin dit is gemeten, dus een gestelde diagnose eetbuistoornis met obesitas, of gaat het om een andere klacht?

Bewijst minder eetbuien ook minder food noise?

Nee. Food noise was geen uitkomstmaat in het onderzoek, en een daling van eetbuien op groepsniveau zegt niets over wat één persoon aan gedachten aan eten ervaart (BED/obesitas RCT).

De studie rapporteerde over remissie van eetbuien, niet over de mate waarin gedachten aan eten op de voorgrond staan (BED/obesitas RCT). Er is dus geen meting die de twee aan elkaar knoopt. Iemand kan aanhoudende gedachten aan eten ervaren zonder aan de criteria van eetbuistoornis te voldoen, en iemand met de diagnose kan het denken aan eten anders beschrijven dan een ander.

De draad op r/BingeEatingDisorder laat die breedte zien: de poster noemt food noise en beschrijft daarnaast gedrag rond eten en bewegen (r/BingeEatingDisorder). Hoe breder de beschrijving, hoe verder die van een enkele uitkomstmaat af komt te staan.

Wat een groepsscore wel aannemelijk maakt, is dat een middel bij een deel van de mensen met deze diagnose iets verandert aan het eetpatroon. Wat er niet uit volgt, is de stap naar de gedachten die iemand daar los van ervaart. De uitkomst gaat over gedrag dat in episodes is te tellen, terwijl food noise een beschrijving is van iets dat continu aanwezig kan zijn.

Een praktische vraag aan de behandelaar: welke uitkomst wordt bij mij eigenlijk gevolgd, en is die klacht dezelfde als wat in dit onderzoek is gemeten?

Wat staat er over cognitieve bijwerkingen?

De productinformatie noemt bijwerkingen op cognitie en aandacht (Topamax SmPC); in de studie stopte 16% van de topiramaatgroep door bijwerkingen tegen 8% met placebo (BED/obesitas RCT).

Die twee gegevens staan naast elkaar en horen ook naast elkaar te blijven. De productinformatie beschrijft het type bijwerkingen dat bij dit middel op cognitie en aandacht kan optreden (Topamax SmPC). De studie geeft een totaalbeeld van uitval door alle bijwerkingen samen en splitst die niet uit naar cognitieve klachten (BED/obesitas RCT). Welk deel van de uitval aan cognitie toe te schrijven is, valt uit deze bronnen niet op te maken, en dat is precies het punt waar iemand met een klacht rond denken en aandacht op let.

Een praktische vraag aan de behandelaar: welke effecten op cognitie en aandacht worden tijdens behandeling gevolgd, en hoe wordt mijn eigen functioneren daarin meegewogen?

Wat geldt er rond zwangerschap?

De productinformatie noemt risico’s rond zwangerschap (Topamax SmPC) en de EMA heeft maatregelen vastgesteld om blootstelling tijdens de zwangerschap te voorkomen, met beperkingen voor sommige toepassingen (EMA).

De EMA beschrijft een programma om blootstelling tijdens de zwangerschap te voorkomen. Daarin horen een zwangerschapstest vóór de start, uitleg over de risico’s, effectieve anticonceptie en een regelmatige herbeoordeling van de behandeling. De beperkingen verschillen naar toepassing: bij migrainepreventie en gewichtsbeheersing mag het middel tijdens zwangerschap niet worden gebruikt; bij epilepsie kan het alleen in beeld blijven wanneer er geen geschikte andere behandeling is.

Die uitzonderingspositie bij epilepsie maakt een algemene claim als “het is veilig als je zwanger kunt worden” onmogelijk. EMA. Voor iemand die zwanger kan worden, weegt dat mee in elk gesprek over dit middel, ook wanneer een toepassing buiten de geregistreerde indicatie zou worden overwogen. De eetbuienstudie zelf geeft over zwangerschap geen uitsluitsel; die ging over remissie van eetbuien bij een populatie met obesitas en een gestelde diagnose (BED/obesitas RCT).

Een praktische vraag aan de behandelaar: hoe zou zwangerschapspreventie in mijn situatie geregeld zijn, en welke restricties gelden voor de toepassing die wordt overwogen?

Waarvoor is Topamax geregistreerd?

Topamax is geregistreerd voor epilepsie en migraine, niet voor eetbuistoornis of gewichtsverlies (catalogus).

De cataloguspagina beschrijft een generiek geneesmiddel met een geregistreerde toepassing, en die toepassing is een andere dan de onderzochte toepassing in de eetbuienstudie (catalogus). Onderzoek naar een middel in een bepaalde groep maakt van die toepassing nog geen registratie. Wie de twee door elkaar haalt, verwart een studiedoel met een goedgekeurde indicatie, en dat verschil bepaalt hoe een behandeling wordt gecontroleerd en wat er wel en niet is vastgesteld.

Een praktische vraag aan de behandelaar: valt de overwogen toepassing binnen de registratie of daarbuiten, en wat betekent dat voor de controle tijdens behandeling?

Wat kun je met deze cijfers in het gesprek?

Je kunt vragen welke uitkomst bij jou wordt gevolgd, of jouw klacht dezelfde is als de diagnose in het onderzoek, en hoe bijwerkingen op cognitie en aandacht en de zwangerschapsmaatregelen worden meegewogen (BED/obesitas RCT, Topamax SmPC).

De cijfers uit het onderzoek horen bij een groep met een gestelde diagnose en een gemeten uitkomst. De bijwerkingen en de zwangerschapsmaatregelen horen bij het product zelf. De term food noise hoort bij de taal van gebruikers en niet bij de uitkomstenlijst van de studie. Wie die drie uit elkaar houdt, weet wat er wel is gemeten en wat niet, en kan dat verschil in het gesprek precies benoemen.

Bronnen